|
De klompenmaker
| De klomp, wie kent het houten schoeisel
niet? Ze zijn al erg oud. De oudst in Nederland bekende klomp dateert uit
ongeveer 1230 en werd in 1979 ontdekt bij een opgraving van het oude
gasthuis aan de Amsterdamse Nieuwendijk, maar aan te nemen is dat klompen al
veel langer werden gebruikt. Op oude schilderijen zijn ze al te zien zoals
het schilderij “de kinderspelen” uit 1560 van Pieter Bruegel de Oude (ca
1525-1569) maar de oudst bekende afbeelding dateert uit ca 1475 en is te
zien op een altaarstuk van Derick Baegert (ca 1440 - 1515) in de kerk S.
Johannes Baptista (Propsteikirche) te Dortmund. In het middelste deel van
dit drieluik ligt een man op de grond die klompen draagt. |
 |
| De kinderspelen Pieter Breugel de Oude 1560 |
 |
|
Het
middelste deel uit het drieluik en detail van Derick Baegert ca 1475 |
Oude benamingen voor klomp zijn “clomp” en “holleblock”.
Vroeger liep bijna iedereen op het platteland op klompen en ook in de crisistijd
want alleen rijke mensen konden zich schoenen veroorloven. Tegenwoordig worden
klompen nog steeds gedragen door boeren omdat het goedkoop, gemakkelijk schoon
te maken, goed ventilerend en veilig is. Bovendien blijven je voeten er warm en
droog in en zijn deze erg gemakkelijk in het gebruik. Tegenwoordig worden
klompen machinaal gemaakt en de grootste klompenfabriek ter wereld staat in de
Nederlandse plaats Beltrum.
 |
Vroeger was het maken van klompen vakwerk
en behoort het tot de oude ambachten. Klompen werden gemaakt van de populier
omdat het hout taai is en gemakkelijk bewerkt kan worden. Bovendien groeit
de populier hard en kwam in Nederland heel veel voor. Uit een populier van
20 jaar oud konden ca 75 paar klompen worden gemaakt. Een gekochte boom werd
door de klompenmaker eerst in stukken verdeeld, met een mes of een zaag werd
dan een streep op de schors gezet en afgezaagd. Zo’n stuk hout werd een bol
genoemd en hieruit werd een houten punt gesneden. |
|
Klompenmaken ca 1914 |
Dan werden twee punten hout gezocht die
goed bij elkaar pasten en met een dissel (een soort bijl) werden de punten hout
bewerkt. Na 10-15 slagen begon de punt al aardig op een klomp te lijken.
Vervolgens werd de klomp vastgezet op een snijpaal (een soort werkbank) en
werden met diverse boren het hout binnen uit de klomp weggehaald tot er
voldoende ruimte was voor de voet. Daarna werd aan de onderkant van de klomp een
hak ingesneden met een krulmes. Het hout was nog flink nat zodat het goed
bewerkt kon worden. Dan werd het hout langzaam in de wind gedroogd zodat het
niet ging scheuren en na het drogen werd de klomp geschilderd en van een laag
vernis voorzien. Als laatste werd er nog een gaatje in de zijkant gemaakt om ze
met een touwtje of ijzerdraadje aan elkaar te bevestigen.
 |
| Verschillende stadia
van een klomp |
Het maken van een paar klompen kostte de klompenmaker ca
1˝ uur exclusief het drogen en schilderen. Per dag konden 5 paar klompen worden
gemaakt en rond 1900 kosten een paar klompen 35 cent, een brood kostte in die
tijd 10 cent...
 |
|
Het
klompenmakers gereedschap van mijn opa Tinus van Dinteren |
|